De voorzitter opent de zitting om 21:20.
De raad voor maatschappelijk welzijn geeft goedkeuring aan het zittingsverslag en de notulen van de zitting van de gemeenteraad van 19 november 2020.
Op 19 november 2020 vond een zitting van de gemeenteraad plaats.
Het zittingsverslag, alsook de notulen van de zitting van de gemeenteraad van 19 november 2020 worden ter goedkeuring voorgelegd.
Art. 1- De gemeenteraad geeft goedkeuring aan het zittingsverslag en de notulen van de zitting van de gemeenteraad van 19 november 2020.
De gemeenteraad stelt het aangepaste geïntegreerde meerjarenplan 2020-2025 van de gemeente vast.
Omdat het vroegere jaarlijkse budget geïntegreerd is in het meerjarenplan moet het meerjarenplan jaarlijks worden aangepast om de kredieten voor het volgende boekjaar vast te stellen.
Door de heer Hugo Coene, schepen, wordt een toelichting gegeven.
Omdat het vroegere jaarlijkse budget geïntegreerd is in het meerjarenplan moet het meerjarenplan jaarlijks worden aangepast om de kredieten voor het volgende boekjaar vast te stellen. Naast het vaststellen van de kredieten voor 2021 worden in deze meerjarenplanaanpassing (Aanpassing 1) tevens de kredieten 2020 gewijzigd en de ramingen uit hun initiële meerjarenplan voor de andere jaren herzien.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 omvat volgende onderdelen: Wijzigingen van de strategische nota, Aangepaste financiële nota, Aangepaste toelichting, Motivering van de wijzigingen, Documentatie bij de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 waaronder de meest actuele versie van de omgevingsanalyse (Actualisatie 2020: deze actualisatie beperkt zich tot het toevoegen van een extra hoofdstuk 5. Impact Corona-crisis.).
Het voorontwerp van aanpassing 1 van de meerjarenplanning 2020-2025 wordt toegevoegd als bijlage.
Het voorontwerp van aanpassing 1 van de meerjarenplanning werd officieel toegelicht en positief geadviseerd op het managementteam van 30 november 2020.
De vaststelling van het meerjarenplan en de aanpassingen ervan, behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van de raad. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het aangepaste meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het aangepaste meerjarenplan dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing definitief is vastgesteld.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Geïntegreerd meerjarenplan OCMW en gemeente 2020-2025 - Vaststellen Aanpassing 1 voor de gemeente."
Art. 1- De gemeenteraad stelt het aangepaste geïntegreerde meerjarenplan 2020-2025 van de gemeente vast.
De gemeenteraad keurt het aangepaste geïntegreerde meerjarenplan 2020-2025 OCMW en gemeente, met in het bijzonder het onderdeel OCMW, goed.
Omdat het vroegere jaarlijkse budget geïntegreerd is in het meerjarenplan moet het meerjarenplan jaarlijks worden aangepast om de kredieten voor het volgende boekjaar vast te stellen.
Door de heer Hugo Coene, schepen, wordt een toelichting gegeven.
Omdat het vroegere jaarlijkse budget geïntegreerd is in het meerjarenplan moet het meerjarenplan jaarlijks worden aangepast om de kredieten voor het volgende boekjaar vast te stellen. Naast het vaststellen van de kredieten voor 2021 worden in deze meerjarenplanaanpassing (aanpassing 1) tevens de kredieten 2020 gewijzigd en de ramingen uit hun initiële meerjarenplan voor de andere jaren herzien.
De aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 omvat volgende onderdelen: Wijzigingen van de strategische nota, Aangepaste financiële nota, Aangepaste toelichting, Motivering van de wijzigingen, Documentatie bij de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 waaronder de meest actuele versie van de omgevingsanalyse (Actualisatie 2020: deze actualisatie beperkt zich tot het toevoegen van een extra hoofdstuk 5. Impact Corona-crisis.).
Het voorontwerp van aanpassing 1 van de meerjarenplanning 2020-2025 wordt toegevoegd als bijlage.
Het voorontwerp van aanpassing 1 van de meerjarenplanning werd officieel toegelicht en positief geadviseerd op het managementteam van 30 november 2020.
De vaststelling van het meerjarenplan en de aanpassingen ervan, behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van de raad. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het aangepaste meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het aangepaste meerjarenplan dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing definitief is vastgesteld.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Geïntegreerd meerjarenplan OCMW en gemeente 2020-2025, met in het bijzonder het onderdeel OCMW - Goedkeuren aanpassing 1."
Art. 1- De gemeenteraad keurt het aangepaste geïntegreerde meerjarenplan 2020-2025 OCMW en gemeente, met in het bijzonder het onderdeel OCMW, goed.
De gemeenteraad gaat akkoord met de voorliggende lijst van subsidies en niet-verplichte uitgaven voor de periode 2020-2025.
De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van subsidiereglementen en het toekennen van nominatieve subsidies.
Door de heer Hugo Coene, schepen, wordt een toelichting gegeven.
Jaarlijks wordt een lijst opgemaakt met subsidies en niet-verplichte uitgaven aan verenigingen, andere overheden, vzw's, ...
In bijlage zijn de lijsten terug te vinden van de
kredieten zoals ook opgenomen in voorliggende meerjarenplanaanpassing.
Zo is er een lijst opgemaakt met 'reguliere' subsidies en niet verplichte uitgaven enerzijds en anderzijds een lijst met 'corona' subsidies.
De subsidies kunnen:
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Toekenning subsidies 2020-2025 - Goedkeuring."
Art. 1- De gemeenteraad gaat akkoord met de voorliggende lijst van subsidies en niet-verplichte uitgaven voor de periode 2020-2025.
Het bestek met nr. TD/WEG/20748 en de raming voor de opdracht “Uitvoeren van onderhoudswerken aan de wegen voor de jaren 2021-2024”, opgesteld door de technische dienst worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 600.000,00 excl. btw of € 726.000,00 incl. 21% btw (€ 157.500,00 Btw medecontractant).
De voorgaande jaren werd de opdracht voor het uitvoeren van de onderhoudswerken aan de wegen, steeds uitgeschreven op jaarbasis of max. voor 2 jaar.
Overheidsopdrachten mogen volgens de wetgeving voor een maximumtermijn van 4 jaar uitgeschreven worden.
Om de druk op de administratie te verlichten werd er gekozen om deze opdracht dus uit te schrijven voor 4 jaar waardoor de plaatsing op nationaal niveau én verplicht elektronisch dient te gebeuren.
In de budgetten vond ook een verschuiving plaats waardoor deze opdracht niet meer als exploitatie maar als investering wordt gezien, en dus niet kan goedgekeurd worden door het dagelijks bestuur.
Door de heer Franki Van de Moere, burgemeester, wordt een toelichting gegeven.
In het kader van de opdracht “Uitvoeren van onderhoudswerken aan de wegen voor de jaren 2021-2024” werd een bestek met nr. TD/WEG/20748 opgesteld door de technische dienst.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 600.000,00 excl. btw of € 726.000,00 incl. 21% btw (€ 157.500,00 Btw medecontractant), en het maximale bestelbedrag bedraagt € 600.000,00 excl. btw of € 726.000,00 incl. 21% btw over de volledige looptijd van de opdracht.
De jaarlijkse uitgave zal worden beperkt tot een maximum van € 150.000,00 excl. btw, waardoor de erkenning van de inschrijvers beperkt wordt tot categorie C (Wegenbouwkundige werken), Klasse 2. Hierdoor kunnen nog steeds de lokale aannemers deelnemen aan de procedure.
De opdracht zal worden afgesloten voor een duur van 48 maanden, met jaarlijks de mogelijkheid tot opzegging o.b.v. een evaluatie.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Er wordt voorgesteld om de plaatsingsprocedure op te starten en een aankondiging van opdracht op nationaal niveau te verzenden op 4 januari 2021.
Het bestuur beschikte bij het opstellen van de lastvoorwaarden voor deze opdracht niet over de exact benodigde hoeveelheden.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Uitvoeren van onderhoudswerken aan de wegen voor de jaren 2021-2024 - Goedkeuring lastvoorwaarden."
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringbudget van 2021 en de volgende jaren op budgetcode 0200-00/224007/A-05.01.01.
Art. 1- Het bestek met nr. TD/WEG/20748 en de raming voor de opdracht “Uitvoeren van onderhoudswerken aan de wegen voor de jaren 2021-2024”, opgesteld door de technische dienst worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 600.000,00 excl. btw of € 726.000,00 incl. 21% btw (€ 157.500,00 Btw medecontractant).
Art. 2- Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Art. 3- De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld en bekendgemaakt op nationaal niveau, op 4 januari 2021.
Art. 4- De offertes dienen het bestuur ten laatste te bereiken op 25 januari 2021 om 11.00 uur.
Art. 5- De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2021 en de volgende jaren op budgetcode 0200-00/224007/A-05.01.01.
Art. 6- Afschrift van dit besluit zal aan de financiële dienst worden overgemaakt.
De wijziging van het reglement "Belastingreglement op leegstaand van gebouwen en woningen" wordt goedgekeurd.
Het belastingreglement voor leegstaande woningen en gebouwen dient te worden aangepast aan de inwerkingtreding van de Vlaamse Codex Wonen.
Op 1 januari zullen de Vlaamse Wooncode en nog enkele decreten worden gecodificeerd in een nieuwe “Vlaamse Codex Wonen”. Dat gaat gepaard met hernummering, waardoor deze moet aangepast worden in het leegstandsbesluit.
Door de heer Franki Van de Moere, burgemeester, wordt een toelichting gegeven.
Op 1 januari 2021 treden de nieuwe Vlaamse Codex Wonen (VCW) van 17 juli 2020 en zijn uitvoeringsbesluit in werking. Dit betreft een codificatie van een aantal decreten op het vlak van wonen.
Het bestaande belastingreglement op leegstaande gebouwen en woningen verwijst op sommige plaatsen naar artikelen van de Vlaamse Wooncode en het decreet grond- en pandenbeleid. Dit wordt aangepast. Er zijn geen verdere inhoudelijke wijzigingen.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Wijziging van het belastingreglement op leegstand van gebouwen en woningen voor de periode 2021 tot en met 2025 - Goedkeuring."
Art. 1- De wijziging van het reglement "Belastingreglement op leegstaand van gebouwen en woningen" wordt goedgekeurd door de gemeenteraad als volgt:
Hoofdstuk I : Algemeen
Art. 1 -Inleiding
Voor de aanslagjaren 2021 tot en met 2025 wordt een belasting gevestigd op de leegstand van gebouwen en woningen.
Art. 2 - Definities:
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
1° Aanslagjaar: het aanslagjaar is het jaar waarin de belasting verschuldigd is (het aanslagjaar loopt vanaf 1 januari van het kalenderjaar tot en met 31 december van het kalenderjaar).
2° Administratie: de administratieve eenheid binnen de gemeente die door het gemeentebestuur wordt belast met het beheer van de gemeentelijke inventaris en het leegstandsregister.
3° Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
- een aangetekend schrijven;
- een afgifte tegen ontvangstbewijs;
- elke andere door de Vlaamse Regering toegelaten betekeningswijze waarbij de datum van kennisgeving met zekerheid kan worden vastgelegd.
4° Beroepsinstantie of college: het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Sint-Laureins.
5° Vlaamse Codex Wonen: de Vlaamse Codex Wonen met datum van inwerkingtreding 2021 en latere wijzigingen.
6° Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, dat niet beantwoordt aan de definitie van woning zoals bedoeld onder punt 18°, met uitsluiting van de bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2,1° van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
7° Inventarisatiedatum: de datum waarop het gebouw en/of woning voor de eerste maal in de inventaris of in het leegstandsregister wordt opgenomen of, zolang het gebouw en/of de woning niet uit de inventaris of van het leegstandsregister is geschrapt, het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de datum van eerste inschrijving.
8° Leegstaand gebouw: een gebouw dat voor meer dan 50 procent van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een termijn van ten minste 12 opeenvolgende maanden. Daarbij wordt geen rekening gehouden met de woningen die deel uitmaken van het gebouw. De functie van het gebouw is deze die overeenkomt met een voor het gebouw of voor gedeelten daarvan afgeleverde of gedane:
Bij een gebouw waarvoor geen dergelijke vergunning of melding voorhanden is, of waarvan de functie niet duidelijk uit een vergunning of melding blijkt, wordt deze functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van het gebouw voorafgaand aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden. Een gebouw dat in hoofdzaak gediend heeft voor een economische activiteit, zoals bedoeld in artikel 2 van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, wordt niet beschouwd als leegstaand zolang de oorspronkelijke beoefenaar van deze activiteit een gedeelte van het gebouw bewoont, en dat gedeelte niet afsplitsbaar is. De bebouwde onroerende goederen die vallen onder de toepassing van het decreet van 19 april 1995 en latere wijzigingen, houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten zijn niet onderworpen aan deze gemeentelijke belasting.
Een gebouw dat geïnventariseerd is als verwaarloosd, kan eveneens opgenomen worden in het leegstandsregister, en omgekeerd.
Een gebouw dat door het Vlaams Gewest is geïnventariseerd als ongeschikt en/of onbewoonbaar wordt niet opgenomen in het leegstandsregister.
Een nieuw gebouw wordt als leegstaand gebouw beschouwd als dat gebouw binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning of omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig de functie van dat gebouw zoals hierboven omschreven.
9° Afsplitsbaar deel van een gebouw: een gedeelte is eerst afsplitsbaar indien het na sloop van de overige gedeelten kan worden beschouwd als een afzonderlijke woning ie voldoet aan de bouwfysische vereisten.
10° Leegstaande woning: een ééngezinswoning of overige woongelegenheid, die gedurende een termijn van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie.
Een woning die geïnventariseerd is als verwaarloosd, kan eveneens opgenomen worden in het leegstandsregister, en omgekeerd.
Een woning die door het Vlaams Gewest is geïnventariseerd als ongeschikt en/of onbewoonbaar wordt niet opgenomen in het leegstandsregister.
Een nieuwe woning wordt als leegstaand beschouwd als die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning of omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig de woonfunctie.
11° Leegstandsregister: register van leegstaande gebouwen en woningen, zoals bedoeld in artikel 2.9 van de Vlaamse Codex Wonen.
12° Ramp: een gebeurtenis die zich voordoet buiten de wil van de houder van het zakelijk recht en waardoor de schade dermate is dat het gebruik onmogelijk is, bv. brand, gasontploffing, blikseminslag, …
13°Renovatienota: een gedetailleerde, gedateerde en ondertekende nota, die door de administratie wordt goedgekeurd en waarin minstens is opgenomen:
- een tekening of schets van het gebouw en/of de woning met aanduiding van de geplande werken;
- een volledige opsomming en korte beschrijving van alle geplande werken en de reeds uitgevoerde werken;
- een raming van de kosten van de werken middels hetzij een offerte voor de levering en plaatsing van materialen door een aannemer, hetzij een offerte voor de levering van materialen, indien de werken in eigen beheer worden uitgevoerd, hetzij een combinatie van beide offertes;
- een fotoreportage van de gebouwdelen die gerenoveerd zullen worden;
- een gedetailleerd tijdschema dat aangeeft wanneer de werken worden uitgevoerd.
14° Sociale woonorganisatie: een organisatie, vermeld in artikel 1.3, §1, eerste lid, 53° van de Vlaamse Codex Wonen; een sociale huisvestingsmaatschappij, het Vlaams Woningfonds van de Grote Gezinnen, een sociaal verhuurkantoor of een huurdersorganisatie.
15° Tweede verblijf: een woning die is opgenomen op de gemeentelijke lijst van tweede verblijven.
16° Woning: een goed, vermeld in artikel 1.3, §1, eerste lid, 66° van de Vlaamse Codex Wonen; elk onroerend goed of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande;
17° Eengezinswoning: Elk bebouwd onroerend goed dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van één gezin of één alleenstaande, waarin zich geen andere woningen bevinden.
18° Zakelijke gerechtigde: de houder van een van volgende zakelijke rechten:
- de volle eigendom;
- het recht van opstal of van erfpacht;
- het vruchtgebruik.
Hoofdstuk II : Leegstandsregistratie
Art. 3 - Leegstandsregister
§1. De administratie houdt een leegstandsregister bij. Het leegstandsregister bestaat uit twee afzonderlijke lijsten:
- een lijst “leegstaande gebouwen”;
- een lijst “leegstaande woningen”.
§2. In elke lijst worden de volgende gegevens opgenomen:
- het adres van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw;
- de kadastrale gegevens van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw;
- de identiteit en het (de) adres(sen) van de zakelijk gerechtigde(n);
- het nummer en de datum van de administratieve akte;
- de indicatie of indicaties die aanleiding hebben gegeven tot de opname.
Art. 4 - Registratie van leegstand
§1. De door het college van burgemeester en schepenen met de opsporing van leegstand belaste personeelsleden bezitten de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
§2. Een leegstaand gebouw of een leegstaande woning wordt opgenomen in het leegstandsregister aan de hand van een genummerde administratieve akte, waarbij één of meerdere foto’s en een beschrijvend verslag, met vermelding van de indicaties die de leegstand staven, gevoegd worden. De datum van de administratieve akte geldt als de datum van de vaststelling van de leegstand en geldt als opnamedatum.
§3. De leegstand wordt beoordeeld op basis van één of meerdere objectieve indicaties zoals vermeld in de volgende lijst:
- het ontbreken van een inschrijving in het bevolkingsregister op het adres van de woning;
- het langdurig aanbieden van het gebouw of van de woning als “te huur” of “te koop”;
- het ontbreken van aansluitingen op nutsvoorzieningen;
- een volle brievenbus gedurende lange tijd;
- een verwaarloosde tuin (lang gras, onverzorgd, ….);
- rolluiken die langdurig neergelaten zijn;
- het ontbreken van een aangifte als tweede verblijf;
- de onmogelijkheid om het gebouw of de woning te betreden, bijvoorbeeld door een geblokkeerde toegang;
- een dermate laag verbruik van de nutsvoorziening dat een gebruik als woning of een gebruik overeenkomstig de functie van het gebouw kan worden uitgesloten;
- getuigenissen: verklaringen van omwonende(n), postbode, wijkagent, ….
Art. 5 - Kennisgeving van registratie
De zakelijk gerechtigde(n) wordt per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het leegstandsregister. De kennisgeving bevat:
- de administratieve akte met inbegrip van het beschrijvend verslag;
- informatie over de gevolgen van de opname in het leegstandsregister;
- informatie met betrekking tot de beroepsprocedure tegen de opname in het leegstandsregister;
- informatie over de mogelijkheid tot schrapping uit het leegstandsregister.
Art. 6 - Beroep tegen registratie
§1. Binnen een termijn van dertig dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het schrijven, vermeld in artikel 5, kan een zakelijk gerechtigde bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Het beroep wordt per beveiligde zending betekend. Het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:
- de identiteit en het adres van de indiener;
- de vermelding van het nummer van de administratieve akte en het adres van het gebouw of de woning waarop het beroepschrift betrekking heeft;
- de bewijsstukken die aantonen dat de opname van het gebouw of de woning in het leegstandsregister ten onrechte is gebeurd. De vaststelling van de leegstand kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.
Als datum van het beroepschrift wordt de datum van de beveiligde zending gehanteerd.
Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.
§2. Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken wordt beschouwd.
§3. Elk inkomend beroepschrift wordt in het leegstandsregister geregistreerd.
§4. De beroepsinstantie toetst de ontvankelijkheid van het beroepschrift. Het beroepschrift is alleen onontvankelijk in één van de volgende gevallen:
- het beroepschrift is niet binnen de termijn ingediend;
- het beroepschrift is voldoet niet aan de bepalingen van § 1;
- het beroepschrift is niet ondertekend.
Als de beroepsinstantie vaststelt dat het beroepschrift onontvankelijk is, deelt ze dat aan de indiener mee met de vermelding dat de procedure als afgehandeld beschouwd wordt.
§5. De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststelling of met een feitenonderzoek, dat uitgevoerd wordt door het met de opsporing van leegstaande gebouwen en woningen belaste personeelslid. Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot een gebouw of een woning geweigerd of verhinderd wordt voor het feitenonderzoek.
§6. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na deze van de betekening van het beroepschrift. De uitspraak wordt per beveiligde zending betekend.
§7. Als de beslissing tot opname in het leegstandsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de administratie het gebouw of de woning in het leegstandsregister op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand.
Art. 7 - Schrapping uit het leegstandsregister
§1. Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden aangewend wordt overeenkomstig de woonfunctie.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie. Het effectief gebruik zal blijken uit de inschrijvingen in de bevolkingsregisters, eventuele nutsfacturen, of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.
Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de functie, effectief aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie. De administratie stelt deze aanwending vast via administratieve data of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.
Bij een schrapping uit het leegstandsregister wegens sloop, is de datum van schrapping de eerste dag waarop al het puin geruimd werd van het perceel.
§2. Voor de schrapping uit het leegstandsregister richt de zakelijk gerechtigde een gemotiveerd verzoek aan de administratie via beveiligde zending. Dit verzoek bevat:
Als datum van het verzoek wordt de datum van de aangetekende verzending gehanteerd.
De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het leegstandsregister. Het schepencollege neemt een beslissing binnen een termijn van 60 dagen na de ontvangst van het verzoek. De verzoeker wordt op de hoogte gebracht van de beslissing per beveiligde zending.
Hoofdstuk III : Belastingheffing
Art. 8 - Algemene bepalingen
§1. Er wordt voor de aanslagjaren 2021 tot en met 2025 een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister te rekenen vanaf datum eerste registratie.
§2. De belasting voor een leegstaande woning of een leegstaand gebouw is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat die woning of dat gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden is opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
Zolang het leegstaand gebouw of de leegstaande woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt, is de belasting van het aanslagjaar verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt.
Art. 9 – Belastingplichtige
§1. De belasting is verschuldigd door de zakelijk gerechtigde betreffende het leegstaande gebouw of de leegstaande woning op het ogenblik dat de belasting van het aanslagjaar verschuldigd wordt, namelijk de verjaardag van de opnamedatum op het leegstandsregister. Ingeval er een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik bestaat, is de belasting verschuldigd door de houder van dat zakelijk recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik op het ogenblik dat de belasting van het aanslagjaar verschuldigd wordt.
§2. Ingeval van mede-eigendom zijn alle zakelijk gerechtigden hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
§3. De overdrager van het zakelijk recht moet de verkrijger ervan in kennis stellen dat het goed is opgenomen in het leegstandsregister. Tevens moet hij per aangetekend schrijven, binnen de twee maanden na het verlijden van de authentieke overdrachtsakte, de volgende gegevens bezorgen aan de gemeente:
- naam en adres van de verkrijger van het zakelijk recht en zijn eigendomsaandeel;
- datum van de akte, naam en standplaats van de notaris;
- nauwkeurige aanduiding van de overgedragen woning of het gebouw.
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht, in afwijking van §1, als belastingschuldige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
Art. 10 - Bedrag van de belasting
§1. De belasting bedraagt voor een gebouw of een eengezinswoning: 1.400,00 euro.
De belasting is ondeelbaar verschuldigd per aanslagjaar.
§2. Indien de woning of het gebouw meerdere jaren in het register staat opgenomen, dan gelden de volgende tarieven:
- voor het tweede jaar opname in het register: 1.700 euro;
- voor het derde jaar opname in het register: 2.000 euro;
- voor het vierde jaar opname in het register: 2.400 euro;
- voor het vijfde en volgende jaren opname in het register: 2.800 euro.
|
|
Basisbelasting eerste jaar |
Tweede jaar |
Derde jaar |
Vierde jaar |
Vijfde en volgende jaren |
| Woning of gebouw |
€ 1.400 |
€ 1.700 |
€ 2.000 |
€ 2.400 |
€ 2.800 |
§3. Bij overdracht van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw, wordt in hoofde van de nieuwe eigenaar de opname op het leegstandsregister teruggebracht tot de eerste opname.
§4. Voor woningen en gebouwen die in het leegstandsregister zijn opgenomen vóór 1 januari 2020, zal voor het aanslagjaar 2020 nog de basisbelasting van 1.400 euro verschuldigd zijn.
§5. Indien de leegstand van de woning of het gebouw niet is opgeheven na het verstrijken van de vrijstellingstermijn, zal de belasting worden berekend, rekening houdende met het aantal jaren dat de woning of het gebouw ondertussen op het leegstandsregister is opgenomen en dit conform de tarieven vermeld in paragraaf 2 van deze bepaling. Voor het aanslagjaar 2020 zal in dit geval nog de basisbelasting van 1.400 euro verschuldigd zijn.
Art. 11 - Vrijstelling van belasting
De zakelijk gerechtigde die gebruik wenst te maken van een vrijstelling van de belasting moet hiervoor zelf per beveiligde zending de nodige bewijsstukken indienen bij de administratie (beheerder van het leegstandsregister). Vanaf het ogenblik dat de belasting van het aanslagjaar verschuldigd is, kan geen vrijstelling meer aangevraagd en verkregen worden voor datzelfde aanslagjaar.
§1. Van de leegstandsheffing zijn vrijgesteld de belastingplichtige:
- die in een erkende ouderenvoorziening verblijft, of voor een langdurig verblijf werd opgenomen in een psychiatrische instelling. Het bewijs van het verblijf wordt geleverd door de erkende ouderenvoorziening / psychiatrische instelling waar de belastingschuldige verblijft, met dien verstande dat deze vrijstelling geldt voor een periode van drie jaar volgend op de datum van opname en slechts geldt voor de woning die laatst bewoond werd door de belastingplichtige vóór de opname in een erkende ouderenvoorziening of psychiatrische instelling.
- waarvan de handelingsbekwaamheid beperkt werd ingevolge een gerechtelijke beslissing, voor zover de belastingplichtige niet zelf de oorzaak is van de gerechtelijke beslissing, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een periode van drie jaar volgend op de datum van de gerechtelijke beslissing.
- die sinds minder dan één jaar zakelijk gerechtigd is van het gebouw of de woning, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor het aanslagjaar volgend op het verkrijgen van het zakelijk recht. Deze vrijstelling geldt niet voor overdrachten aan vennootschappen waarin de vroegere zakelijk gerechtigde rechtstreeks of onrechtstreeks participeert, of voor overdrachten aan vzw’s waar de zakelijk gerechtigde lid van is.
§2. Een vrijstelling wordt verleend indien het gebouw of de woning:
Art. 12 – Inkohiering
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 13 - Bezwaarprocedure bij belasting
De belastingplichtige kan beroep indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen. Het beroepsschrift moet schriftelijk, per beveiligde zending worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Art. 14 – Bekendmaking
Onderhavig reglement treedt in voege op 01 januari 2021 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Art. 2- De wijziging van het reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2021 tot en met 31 december 2025.
Art. 3- Het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2020 betreffende het belastingreglement voor leegstaande gebouwen en woningen wordt opgeheven vanaf 1 januari 2021.
Art. 4- Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen van artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.
De voorlopige raming van het bestuur van de Generale Vrije Polders, ten bedrage van 106.788,63 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
De raming van de uit te voeren, ruimings-, - onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen van de 3de categorie voor het jaar 2021.
Inkomende brief op 30 september 2020 van het bestuur van de Generale Vrije Polders betreft de voorlopige raming voor het dienstjaar 2021 van de uit te voeren ruimings- onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen 3de categorie voor het jaar 2021, zoals vermeld in de raming bijgevoegd in bijlage.
Totale raming, inclusief btw:
| Reiten | 15.678,53 |
| Ruimen | 4.116,00 |
| Wandversterkingen | 50.861,10 |
| Andere werken | 36.113,00 |
| Totaal | 106.788,63 |
Het krediet is voorzien op budgetcode GBB/0319-00/614326.
Art. 1- De voorlopige raming van het bestuur van de Generale Vrije Polders, ten bedrage van 106.788,63 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
Art. 2- Afschrift in drievoud, samen met de voorlopige raming, zullen voor verder gevolg worden overgemaakt aan Provincie Oost-Vlaanderen, dienst integraal waterbeleid, Woodrow Wilsonplein 2, 9000 Gent.
De voorlopige raming van het bestuur van de Isabellapolder, ten bedrage van 8.932,99 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
De raming van de uit te voeren, ruimings-, - onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen van de 3de categorie voor het jaar 2021.
Inkomende brief op 17 november 2020 van het bestuur van de Isabellapolder betreft de voorlopige raming voor het dienstjaar 2021 van de uit te voeren ruimings- onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen 3de categorie voor het jaar 2021, zoals vermeld in de raming bijgevoegd in bijlage.
Totale raming, inclusief btw:
| Reiten | 1.213,96 |
| Ruimen | 469,03 |
| Wandversterkingen | 5.000,00 |
| Andere werken | 2.250,00 |
| Totaal | 8.932,99 |
Het krediet is voorzien op budgetcode GBB/0319-00/614326.
Art. 1- De voorlopige raming van het bestuur van de Isabellapolder, ten bedrage van 8.932,99 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
Art. 2- Afschrift in drievoud, samen met de voorlopige raming, zullen voor verder gevolg worden overgemaakt aan Provincie Oost-Vlaanderen, dienst integraal waterbeleid, Woodrow Wilsonplein 2, 9000 Gent.
De voorlopige raming van het bestuur van de Slependammepolders, ten bedrage van 22.180,45 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
De raming van de uit te voeren, ruimings-, - onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen van de 3de categorie voor het jaar 2021.
Inkomende brief op 3 november 2020 van het bestuur van de Slependammepolders betreft de voorlopige raming voor het dienstjaar 2021 van de uit te voeren ruimings- onderhouds- en herstellingswerken aan onbevaarbare waterlopen 3de categorie voor het jaar 2021, zoals vermeld in de raming bijgevoegd in bijlage.
Totale raming, inclusief btw:
| Reiten | 19.459,00 |
| Ruimen | 0,00 |
| Wandversterkingen | 2.721,45 |
| Andere werken | 0,00 |
| Totaal | 22.180,45 |
Het krediet is voorzien op budgetcode GBB/0319-00/614326.
Art. 1- De voorlopige raming van het bestuur van de Slependammepolders, ten bedrage van 22.180,45 euro inclusief btw, voor het uitvoeren van werken aan waterlopen van derde categorie voor het dienstjaar 2021, wordt gunstig geadviseerd.
Art. 2- Afschrift in drievoud, samen met de voorlopige raming, zullen voor verder gevolg worden overgemaakt aan Provincie Oost-Vlaanderen, dienst integraal waterbeleid, Woodrow Wilsonplein 2, 9000 Gent.
De gemeenteraad keurt het jaarverslag 'Terugblik 2019-2020', het financieel verslag en de begroting 2020-2021 van Scholengemeenschap Meetjesland goed.
Het jaarverslag van de Scholengemeenschap Meetjesland van schooljaar 2019-2020, samen met het financieel verslag en de begroting 2020-2021 moeten ter goedkeuring worden voorgelegd aan de gemeenteraad en het provinciebestuur.
Het voorliggend jaarverslag 2019-2020 werd besproken tijdens de vergadering van het beheerscomité van de Scholengemeenschap op 13 oktober 2020.
Toelichting financieel verslag 2019-2020
Er is een saldo van €9.493,33 dat bestaat uit:
Toelichting begroting 2020-2021
Inkomsten:
Uitgaven:
Art. 1- De gemeenteraad keurt het jaarverslag 'Terugblik 2019-2020', het financieel verslag en de begroting 2020-2021 van Scholengemeenschap Meetjesland goed.
Art. 2- Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de directeur van de gemeentelijke basisschool.
Het reglement 'Sente(n)bon' wordt hernieuwd en goedgekeurd zoals voorgelegd.
Omdat enerzijds het digitale tijdperk zijn intrede doet en anderzijds omdat de Sente(n)bon te beperkt (niet in het weekend) verkrijgbaar was, start de gemeente met een online verkoop. Hierdoor wijzigen heel wat modaliteiten en werd een volledig nieuw reglement Sente(n)bon uitgewerkt.
Een Sente(n)bon is een cadeaubon die door iedereen kan aangekocht worden en die het gemeentebestuur schenkt aan vieringen. Deze cadeaubonnen zijn in het leven geroepen als ondersteuning voor onze lokale handelaars en horeca en kunnen voor de waarde van de bon ingeruild worden voor goederen en/of diensten bij alle lokale handelaars en horecazaken van Sint-Laureins.
Het voorstel tot wijziging van het reglement 'Sente(n)bon' wordt voorgelegd als volgt:
Artikel 1: Algemeen
Artikel 1.1- Een Sente(n)bon is een cadeaubon die door iedereen kan aangekocht worden. Het gemeentebestuur van Sint-Laureins kan zelf de Sente(n)bon gebruiken in het kader van het geven van attenties bij vieringen, jubilarissen en dergelijke. Deze cadeaubonnen dienen als ondersteuning voor de lokale handelaars en horeca en kunnen voor de waarde van de bon ingeruild worden voor goederen en/of diensten bij alle lokale handelaars en horecazaken van Sint-Laureins.
Artikel 1.2- Een waardebon is een variant van de Sente(n)bon. Het is een cadeaubon die het gemeentebestuur kan gebruiken in het kader van het geven van attenties als een vorm van appreciatie, dankbaarheid en/of ondersteuning voor zijn medewerkers en/of inwoners. Hij is onderworpen aan dezelfde regels als de Sente(n)bon en verschilt alleen in uiterlijk, maar kan niet aangekocht worden.
Artikel 1.3- Elke Sente(n)bon heeft een unieke code die bestaat uit 14 cijfers en een QR-code die beiden fraudeveilig zijn volgens het digitale cadeaubonsysteem van de firma Gift2Give.
Artikel 1.4- De Sente(n)bon heeft een waarde van €10, €25 en €50 en bestaat zowel op papier als digitaal.
Artikel 1.5- Deelname aan de Sente(n)bon, op papier en digitaal, is gratis voor zowel de handelaar als de koper.
Artikel 2: Deelnemende handelaar
Artikel 2.1- Elke handelaar en horecazaak van Sint-Laureins (postcodes 9980, 9981, 9982 en 9988) kan deelnemen en bepaalt zelf of hij al dan niet deelneemt. Door deel te nemen gaat hij akkoord met dit reglement.
Artikel 2.2- De handelaar die beslist deel te nemen aan de Sente(n)bon/waardebon, is verplicht het deelnameformulier volledig in te vullen. Het deelnameformulier is beschikbaar op www.sint-laureins.be of kan opgevraagd worden via mail bij burgerzaken@sint-laureins.be.
De Sente(n)bon/waardebon mag enkel aanvaard worden door handelaars die het deelnameformulier hebben ingevuld en een account hebben ontvangen om de Sente(n)bon/waardebon te ontwaarden. Dit account laat aan de handelaar toe na te gaan of een Sente(n)bon geldig is.
Een handleiding wordt aan elke deelnemende handelaar bezorgd.
Artikel 2.3- De deelnemende handelaars engageren zich om zich kenbaar te maken via een etalagesticker die door het gemeentebestuur ter beschikking gesteld wordt. De deelnemende handelaars zijn steeds raadpleegbaar op www.sint-laureins.be.
Artikel 2.4- Elke deelnemende handelaar is steeds verplicht om elke geldige Sente(n)bon die wordt aangeboden door een klant, te aanvaarden.
Artikel 2.5- Elke deelnemende handelaar kan ten allen tijde beslissen niet meer deel te nemen. Dit kan mits het respecteren van een opzegtermijn van 1 maand en gebeurt schriftelijk naar Dorpsstraat 91 te 9980 Sint-Laureins of per mail naar burgerzaken@sint-laureins.be.
Artikel 2.6- De deelnemende handelaar verbindt er zich toe om eventuele wijzigingen over zijn zaak onverwijld schriftelijk of per mail te melden, zoals bijvoorbeeld overname, stopzetting, wijziging rekeningnummer, …
Artikel 2.7- De gegevens van de handelaars meegedeeld in het deelnameformulier voor de digitale Sente(n)bon worden opgenomen in de databank van Gift2Give en zullen uitsluitend gebruikt worden in functie van de doelstellingen die voortvloeien uit de Sente(n)bon en de daarmee samenhangende promotionele acties. Ze worden in geen enkel geval doorgegeven aan derden dit in overeenstemming met de Algemene Verordening voor Gegevensbescherming van 25 mei 2018.
Artikel 2.8- Het gemeentebestuur van Sint-Laureins kan een deelnemende handelaar met onmiddellijk ingang uitsluiten zonder recht op schadevergoeding:
Artikel 3: Aankoop
Artikel 3.1- Iedereen kan een Sente(n)bon aankopen. Hij heeft een waarde van €10, €25 of €50.
Artikel 3.2- De Sente(n)bon kan aangekocht worden:
- In een gemeentelijk verkooppunt zijnde dienst burgerzaken in Sint-Laureins en Watervliet;
- online via de website www.sint-laureins.be mits onmiddellijke betaling in een gewenste waarde vanaf €10. De Sente(n)bon wordt onmiddellijk aangeboden in pdf en kan ofwel afgeprint ofwel doorgemaild worden;
- bijkomende (fysieke) verkooppunten kunnen voorzien worden na beslissing van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 3.3- De Sente(n)bon kan ook aangekocht worden als cadeaukaart met geschenkenveloppe. Bij aankoop online zal een bijkomende kost van €8 aangerekend worden voor de verpakking en de aangetekende postverzending. Bij aankoop in een gemeentelijk verkooppunt zal voor de geschenkenenveloppe een bijkomende kost aangerekend worden van €1.
Artikel 4: Modaliteiten
Artikel 4.1- De Sente(n)bon/waardebon kan enkel als betaalmiddel aanvaard worden bij de handelaars die het deelnameformulier hebben ingevuld en een account hebben ontvangen om de Sente(n)bon/waardebon te ontwaarden.
Artikel 4.2- De digitale Sente(n)bon/waardebon kan niet ingewisseld worden voor cash geld. Hij wordt bij elke aankoop (gedeeltelijk) ontwaard.
Artikel 4.3- De deelnemende handelaar dient de Sente(n)bon/waardebon onmiddellijk bij ontvangst te ontwaarden in aanwezigheid van de klant via de QR-code webapplicatie, zo niet loopt hij het risico de (rest)waarde van de Sente(n)bon/waardebon niet terugbetaald te krijgen.
Artikel 4.4- Een Sente(n)bon is 1 jaar geldig vanaf de uitgiftedatum.
Een vervallen Sente(n)bon kan éénmaal verlengd worden voor de duur van 1 jaar zonder dat daarbij de termijn van 2 jaar na de uitgiftedatum wordt overschreden. Deze verlenging gebeurt via de QR-code web applicatie en is gratis.
Artikel 4.5- Klanten met een ongeldige Sente(n)bon kunnen zich ingeval van bijkomende vragen wenden tot de dienst burgerzaken van de gemeente Sint-Laureins via mail burgerzaken@sint-laureins.be of telefonisch 09/218 76 57.
Artikel 5: Korting verenigingen
Artikel 5.1- Elke vereniging aangesloten bij een gemeentelijk adviesorgaan en/of instelling van de gemeente Sint-Laureins en alle onderwijsinstellingen op het grondgebied van de gemeente Sint-Laureins kunnen Sente(n)bonnen aankopen aan een verminderde waarde. Met name €20 voor een bon van €25 en €40 voor een bon van €50. Op een Sente(n)bon met een waarde van €10 wordt geen korting gegeven.
Elke vereniging en onderwijsinstelling kan slechts Sente(n)bonnen met korting aankopen voor een jaarlijks maximumwaarde van €250.
Artikel 5.2- De korting voor verenigingen en onderwijsinstellingen kunnen enkel bekomen worden bij aankoop in het verkooppunt op het gemeentehuis van Sint-Laureins, niet online.
Artikel 5.3- Het gemeentebestuur houdt de waarde van de aankopen van de Sente(n)bonnen door verenigingen en onderwijsinstellingen apart bij in een registratiesysteem.
Artikel 6: Uitbetaling handelaars
Artikel 6.1- Een correct ontwaarde Sente(n)bon/waardebon creëert een automatisch betalingsverzoek en geeft recht op terugbetaling van de ontwaarde (rest)waarde binnen de 7 werkdagen via overschrijving op de rekening van de deelnemende handelaar.
Artikel 6.2- Enkel een geldige Sente(n)bon/waardebon geeft recht op terugbetaling van de (rest)waarde. Indien het bedrag van de Sente(n)bon/waardebon (of een deel ervan) reeds aan een andere deelnemende handelaar werd uitbetaald, dan kan de rest(waarde) niet terugbetaald worden. Gift2Give levert hiertoe het nodige bewijs.
Artikel 6.3- Een Sente(n)bon die ongeldig is, mag niet aanvaard worden als betaalmiddel. Sente(n)bonnen die later dan 3 maanden na de geldigheidsdatum afgeleverd worden, verliezen hun volledig recht op uitbetaling. Voor het beoordelen van de geldigheid van de digitale Sente(n)bon/waardebon baseert de handelaar zich op de QR-code web applicatie.
Artikel 6.4- Een Sente(n)bon/waardebon die (deels) ontwaard werd, dient niet meer bezorgd te worden aan het gemeentebestuur van Sint-Laureins.
Artikel 7: Aansprakelijkheid
Artikel 7.1- Het gemeentebestuur Sint-Laureins en Gift2Give kunnen op geen enkel moment aansprakelijk gesteld worden voor vervalsing of fraude met Sente(n)bonnen/waardebonnen en de ontwaardingssystemen.
In voorkomend geval zal het gemeentebestuur en Gift2Give de nodige acties nemen en kunnen zij de werking van het cadeaubonsysteem eenzijdig schorsen zonder recht op schadevergoeding met het oog op het beveiligen van voormeld systeem. De deelnemende handelaars worden hiervan onverwijld op de hoogte gebracht.
Artikel 7.2- Het gemeentebestuur en Gift2Give zijn in geen geval aansprakelijk voor (on)rechtstreekse schade wegens tijdelijke defecten of onderbrekingen of wegens vertragingen in het opnemen van hun verplichtingen zoals bijvoorbeeld een latere levering wegens omstandigheden buiten hun wil (zoals bijvoorbeeld een staking).
Artikel 7.3- Indien een deelnemende handelaar een vermoeden van vervalsing of fraude met de Sente(n)bon/waardebon heeft, zal hij/zij dit onverwijld meedelen aan het gemeentebestuur Sint-Laureins.
Artikel 8: Betwistingen
Artikel 8.1- Ingeval van betwistingen zal het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerde beslissing nemen nadat de betrokken partijen werden gehoord.
Artikel 9: Schorsing of stopzetting
Artikel 9.1- Het gemeentebestuur Sint-Laureins kan te allen tijde beslissen om, al dan niet tijdelijk, geen Sente(n)bonnen meer te verkopen. De geldige Sente(n)bonnen/waardebonnen zullen in dat geval nog kunnen ingeruild worden conform de geldende afspraken. De deelnemende handelaars zullen hierover ingelicht worden.
Artikel 10: Overgangsmaatregelen
Zolang de ‘oude Sente(n)bon’ zonder QR-code in omloop is, gelden hiervoor volgende overgangsmaatregelen:
Artikel 10.1- De verkoop van de ‘oude Sente(n)bon’ stopt vanaf 18 december 2020.
Artikel 10.2- De ‘oude Sente(n)bon’ die nog geldig is, kan als betaalmiddel aanvaard worden bij alle deelnemende handelaars en horecazaken van Sint-Laureins (postcodes 9980, 9981, 9982 en 9988), ook al zijn ze niet digitaal geregistreerd.
Artikel 10.3- De ‘oude Sente(n)bon’ kan niet ingewisseld worden voor cash geld en moet in éénmaal gespendeerd worden.
Artikel 10.4- De ‘oude Sente(n)bon’ is 2 jaar geldig vanaf de uitgiftedatum. Deze uitgiftedatum wordt op de bon voorzien op de dag van de aankoop. Na het verstrijken van die termijn, heeft de bon geen waarde meer.
De uiterste datum van geldigheid, indien de bon is aangekocht op 17 december 2020, is dus 17 december 2022.
Artikel 10.5- De deelnemende handelaar dient de correct en volledig ingevulde ‘oude Sente(n)bon’ in op het gemeentehuis van Sint-Laureins of stuurt hem per post naar het college van burgemeester en schepenen, Dorpsstraat 91 te 9980 Sint-Laureins, uiterlijk 3 maand na het verstrijken van de geldigheidsdatum.
Uiterlijk 2 maanden na het indienen van de ingevulde ‘oude Sente(n)bon’ wordt het verschuldigde totaalbedrag gestort op het rekeningnummer van de handelaar of horecazaak door het gemeentebestuur van Sint-Laureins.
Artikel 11: Ingangsdatum
Artikel 11.1- Dit reglement treedt in werking na de goedkeuring van de gemeenteraadsbeslissing van 17 december 2020 en heft automatisch vorig reglement aangaande de Sente(n)bon op.
Art. 1- Het reglement 'Sente(n)bon' wordt hernieuwd en goedgekeurd zoals voorgelegd.
Art. 2- Het nieuwe reglement 'Sente(n)bon treedt in vanaf 18 december 2020 voor onbepaalde duur.
Art. 3- Het gemeenteraadsbesluit van 21 april 2016 betreffende: 'Invoering Sente(n)bon: goedkeuring reglement', wordt opgeheven vanaf 18 december 2020.
Art. 4- Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen van artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.
In het gemeentelijk politiereglement wordt in hoofdstuk 1: Afdeling 3 - Geluidshinder een artikel toegevoegd.
In het gemeentelijk politiereglement wordt in hoofdstuk 8, Afdeling 2 - Gemeentelijke administratieve geldboete, bij artikel 8.2.0.1. §1 het hoger vermelde nieuwe artikel 1.3.2.7. in verband met de vogelschrikkanonnen toegevoegd, waarbij overtredingen op dit artikel met een GAS-boete kunnen gesanctioneerd worden.
Een paar keer per jaar komen op de milieudienst vragen of klachten binnen in verband met het gebruik van vogelschrikkanonnen. Een specifieke wetgeving daarover bestaat er niet, zodat een opname in het gemeentelijke politiereglement nodig is.
Door de heer Carlos Bonamie, schepen, wordt een toelichting gegeven.
Er bestaat geen specifieke wetgeving die het gebruik van vogelschrikkanonnen regelt.
Naar geluidsoverlast toe kan er enkel een beroep gedaan worden op de algemene geluidsnormen opgenomen in de bijlage 2.2.1. van Vlarem II, namelijk de milieukwaliteitsnormen voor geluid in open lucht.
Een specifieke reglementering waar men zich verder dient aan te houden is er niet.
In de omzendbrief van de Vlaamse minister van Leefmilieu van 25/05/2004 worden een aantal aanbevelingen opgenomen. Hierin wordt gesteld dat het gebruik van die vogelschrikkanonnen best wordt verankerd in een gemeentelijk reglement. Er worden hierbij aanbevelingen gedaan op vlak van afstandsregels (minstens op 300 meter van woningen en 200 meter van de openbare weg), op vlak van tijdsperiode (verbod tussen 21.00 u en 8.00 u) en op vlak van het aantal knallen per uur die mogen gelost worden (max. 6 knallen per uur).
Als uitgangspunt stelt men het algemeen principe dat vogelschrikkanonnen moeten verboden worden en dat ze slechts in uitzonderlijke gevallen kunnen toegestaan worden mits het afleveren van een toelating aan de individuele land- of tuinbouwer.
In Eeklo is dit reeds opgenomen in het politiereglement onder de vorm van een GAS-boete. Omdat onze gemeente in dezelfde politiezone gelegen is wordt voorgesteld om dit ook bij ons te regelen in het politiereglement met een GAS-koppeling.
De milieudienst kreeg ook al eens een klacht binnen in verband met het gebruik van hagelkanonnen. Deze worden voornamelijk in de fruitteelt ingezet om bij onweer hagel te versplinteren zodat er minder schade is aan de vruchten. Deze hagelkanonnen produceren ook knallen van 140 dB. Het is ook voor deze toestellen nodig dit te reglementeren.
Het ontwerp politiereglement is voor advies voorgelegd aan de milieuraad en de landbouwraad:
Dit item werd besproken op de milieuraad van 22 september 2020. Het verslag van deze vergadering wordt toegevoegd. Uit dit advies blijkt dat het niet nodig is om hagelkanonnen toe te voegen in het reglement aangezien we weinig fruittelers hebben in onze gemeente en deze andere middelen gebruiken.
Verder adviseert een deel van de milieuraad dat het vooraf melden van de plaatsing van een kanon overbodig is en te omslachtig. De andere helft van de leden vindt de melding nuttig om zo beter aan klachtenbehandeling te kunnen doen. Het aanbrengen van een plaatje met de naam en het telefoonnummer van de eigenaar/gebruiker van het kanon wordt wel door iedereen goed bevonden, en zo kan elke buurman weten tot wie zich te richten bij hinder. De milieuraad adviseert verder ook nog om het aantal reeksen knallen per uur te beperken, eerder dan het aantal knallen. Dat er bij overmatige hinder bewarend beslag moet kunnen gelegd worden door de politie wordt door de milieuraad gunstig geadviseerd.
Het ontwerp politiereglement is besproken op de landbouwraad van 13 oktober 2020. Hun advies is toegevoegd als bijlage.
De onderbouwing van de land- en tuinbouwraad is dat een politiereglement niet aan de orde is gezien het beperkt aantal klachten. De land- en tuinbouwraad is evenwel voorstander van de uitwerking van een code van goede praktijk, zodat er duidelijk gesensibiliseerd wordt en dit zowel naar de landbouwsector als de mensen die in landbouwzone gaan wonen.
Na de besprekingen in de adviesraden wordt voorgesteld in het gemeentelijk politiereglement volgend artikel toe te voegen:
Hoofdstuk 1: Afdeling 3 - Geluidshinder
Artikel 1.3.2.7. Vogelschrikkanonnen (GAS-reglement)
§1. Het gebruik van vogelschrikkanonnen ter bescherming van gewassen tegen schade, dient vóór de opstelling en ingebruikname aan de gemeentelijke overheid gemeld te worden.
De melding omvat de naam en het adres van de gebruiker, zijn/haar telefoonnummer en de plaats waar het kanon wordt geplaatst. De locatie waar het kanon wordt geplaatst wordt op een plan of luchtfoto aangegeven en toegevoegd bij de melding, met vermelding van de dichtst bijgelegen straat. De melding is geldig voor een maximale duur van 3 weken. Langer gebruik op dezelfde plaats vereist dat er een nieuwe melding gebeurt.
§ 2. Deze kanonnen mogen niet gebruikt worden op een afstand minder dan 150 meter van de woningen en op minder dan 50 meter van een straat. Het gebruik er van is enkel toegelaten van zonsopgang tot zonsondergang. De kanonnen mogen niet schieten in de richting van de huizen en de gebruiker dient rekening te houden met de windrichting. Per uur mogen er maximaal 4 reeksen met knallen voorkomen. Elke reeks knallen duurt maximaal 15 seconden en de reeksen mogen mekaar opvolgen met tussenpozen van minstens 15 minuten.
§ 3. Op het kanon wordt een label bevestigd waarop de naam, het adres van woonst en het telefoonnummer van de gebruiker wordt vermeld.
§ 4. Wanneer het gebruik van een kanon niet vooraf is gemeld aan de gemeente, of bij overtredingen op dit reglement of bij het vaststellen van overmatige hinder, kan bewarend beslag gelegd worden op de vogelschrikkanonnen en het toebehoren door de politie.
Het algemeen politiereglement werd intussen aangepast aan de gewijzigde huisstijl.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Wijziging van het algemeen gemeentelijk politiereglement: Aanvulling gebruik van vogelschrikkanonnen."
Art. 1- In het gemeentelijk politiereglement wordt in hoofdstuk 1: Afdeling 3 - Geluidshinder een artikel toegevoegd als volgt:
Artikel 1.3.2.7. Vogelschrikkanonnen (GAS-reglement)
§1. Het gebruik van vogelschrikkanonnen ter bescherming van gewassen tegen schade, dient vóór de opstelling en ingebruikname aan de gemeentelijke overheid gemeld te worden.
De melding omvat de naam en het adres van de gebruiker, zijn/haar telefoonnummer en de plaats waar het kanon wordt geplaatst. De locatie waar het kanon wordt geplaatst wordt op een plan of luchtfoto aangegeven en toegevoegd bij de melding, met vermelding van de dichtst bijgelegen straat. De melding is geldig voor een maximale duur van 3 weken. Langer gebruik op dezelfde plaats vereist dat er een nieuwe melding gebeurt.
§ 2. Deze kanonnen mogen niet gebruikt worden op een afstand minder dan 150 meter van de woningen en op minder dan 50 meter van een straat. Het gebruik er van is enkel toegelaten van zonsopgang tot zonsondergang. De kanonnen mogen niet schieten in de richting van de huizen en de gebruiker dient rekening te houden met de windrichting. Per uur mogen er maximaal 4 reeksen met knallen voorkomen. Elke reeks knallen duurt maximaal 15 seconden en de reeksen mogen mekaar opvolgen met tussenpozen van minstens 15 minuten.
§ 3. Op het kanon wordt een label bevestigd waarop de naam, het adres van woonst en het telefoonnummer van de gebruiker wordt vermeld.
§ 4. Wanneer het gebruik van een kanon niet vooraf is gemeld aan de gemeente, of bij overtredingen op dit reglement of bij het vaststellen van overmatige hinder, kan bewarend beslag gelegd worden op de vogelschrikkanonnen en het toebehoren door de politie.
Art. 2- In het gemeentelijk politiereglement wordt in hoofdstuk 8, Afdeling 2 - Gemeentelijke administratieve geldboete, bij artikel 8.2.0.1. §1 het hoger vermelde nieuwe artikel 1.3.2.7. in verband met de vogelschrikkanonnen toegevoegd, waarbij overtredingen op dit artikel met een GAS-boete kunnen gesanctioneerd worden.
Art. 3- De wijziging van dit reglement gaat in vanaf 01 januari 2021.
Art. 4- Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen van artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.
Art. 5- Een afschrift van dit reglement zal worden verzonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank van Gent en aan de politiezone Meetjesland centrum.
Onder voorbehoud van gunstig advies van het Hoog Overlegcomité, worden volgende brugdagen voor 2021 vastgesteld:
Onder voorbehoud van gunstig advies van het Hoog Overlegcomité, worden volgende feestdagen die in het weekend vallen, aan het verlof toegevoegd:
In kalenderjaar 2021 vallen vier feestdagen op een zaterdag of zondag. Daardoor dienen er brugdagen vastgelegd te worden voor het gemeentepersoneel.
In het jaar 2021 vallen volgende feestdagen op een zaterdag of een zondag:
Onze Lieve Heer Hemelvaart valt op donderdag 13 mei 2021. Dit is een feestdag, waaraan een brugdag kan worden gekoppeld (op vrijdag). Er wordt voorgesteld een brugdag op vrijdag 14 mei 2021 vast te leggen, ter compensatie van de feestdag van 01 mei 2021.
Wapenstilstand valt op donderdag 11 november 2021. Dit is een feestdag waaraan een brugdag gekoppeld kan worden (op vrijdag). Er wordt voorgesteld een brugdag op vrijdag 12 november 2021 vast te leggen, ter compensatie van de feestdag van 11 juli 2021.
Verder wordt voorgesteld volgende feestdagen die in het weekend vallen aan het verlof toe te voegen:
Dit voorstel zal op het eerstvolgend Hoog Overlegcomité voor advies worden voorgelegd.
Art. 1- Onder voorbehoud van gunstig advies van het Hoog Overlegcomité, worden volgende brugdagen voor 2021 vastgesteld:
Art. 2- Onder voorbehoud van gunstig advies van het Hoog Overlegcomité, worden volgende feestdagen die in het weekend vallen, aan het verlof toegevoegd:
De gemeenteraad geeft de goedkeuring aan de meerjarenplanwijziging 2020-2025 voor kerkfabriek Sint-Jan-Baptist van Sint-Jan-in-Eremo. Uit de jaarrekeningen 2018 en 2019 van de kerkfabriek blijkt echter dat deze kerkfabriek geen behoefte zal hebben aan een exploitatietoelage van de gemeente in de toekomst. Dit is ook zo voor de jaren 2020 en 2021. In de meerjarenplanaanpassing van de gemeente is dan ook geen gemeentelijke exploitatietoelage voorzien voor de jaren 2022-2025.
De meerjarenplanwijziging van kerkfabriek Sint-Jan-Baptist van Sint-Jan-in-Eremo wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
De kerkraad heeft de meerjarenplanwijziging 2020-2025 goedgekeurd op 13 juli 2020.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur.
Het bisdom verleende positief advies op 14 november 2020.
| Jaar | Bedrag |
| 2020 | 0,00 |
| 2021 | 0,00 |
| 2022 | 6.155,00 |
| 2023 | 6.175,00 |
| 2024 | 6.195,00 |
| 2025 | 6.215,00 |
| Jaar | Bedrag |
| 2020 | 10.348,14 |
| 2021 | 0,00 |
| 2022 | 0,00 |
| 2023 | 0,00 |
| 2024 | 0,00 |
| 2025 | 0,00 |
Art. 1- De gemeenteraad geeft de goedkeuring aan de meerjarenplanwijziging 2020-2025 voor kerkfabriek Sint-Jan-Baptist van Sint-Jan-in-Eremo. Uit de jaarrekeningen 2018 en 2019 van de kerkfabriek blijkt echter dat deze kerkfabriek geen behoefte zal hebben aan een exploitatietoelage van de gemeente in de toekomst. Dit is ook zo voor de jaren 2020 en 2021. In de meerjarenplanaanpassing van de gemeente is dan ook geen gemeentelijke exploitatietoelage voorzien voor de jaren 2022-2025.
Art. 2- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur Sint-Jan-Bapist en bisdom Gent.
De kerkfabriek van Sint-Jan-in-Eremo diende een budgetwijziging 2020 in.
De budgetwijziging kwam tot stand door aanraden van het bisdom wegens het gebruik van verkeerde marnummers. Tevens werden in 2020 hoogdringende schilderwerken uitgevoerd. Het factuurbedrag van deze werken kwam op €10.348,14.
In het oorspronkelijk meerjarenplan van de gemeente Sint-Laureins werd zowel in 2020 als in 2021 telkens €5.000 ingeschreven aan investeringssubsidie aan het kerkbestuur Sint-Jan-in-Eremo. In het voorliggend aangepast meerjarenplan van de gemeente is in 2020 €10.348,14 ingeschreven en geen investeringssubsidie in 2021.
Op 18/08/2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- De gemeenteraad neemt akte van de budgetwijziging 2020 van kerkfabriek Sint-Jan-Baptist van Sint-Jan-in-Eremo.
Art. 2- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur Sint-Jan-Bapist en bisdom Gent.
Het budget 2021 voor de kerkfabriek Sint-Jan-Baptist voor Sint-Jan-in-Eremo wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
In 2020 werden hoogdringende schilderwerken uitgevoerd door de kerkfabriek. Het factuurbedrag van deze werken kwam op € 10.348,14.
In het oorspronkelijk meerjarenplan van de gemeente Sint-Laureins werd zowel in 2020 als in 2021 telkens € 5.000 ingeschreven aan investeringssubsidie aan het kerkbestuur Sint-Jan-in-Eremo. In het voorliggend aangepast meerjarenplan van de gemeente is in 2020 € 10.348,14 ingeschreven en geen investeringssubsidie in 2021.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- Het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Jan-Baptist is in overeenstemming met de meerjarenplanwijziging 2020-2025.
Art. 2- De gemeenteraad neemt akte van het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Jan-Baptist van Sint-Jan-in-Eremo.
Art. 3- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur en bisdom Gent.
Het budget 2021 voor de kerkfabriek Sint-Laurentius van Sint-Laureins wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
Zowel in het oorspronkelijk meerjarenplan als in voorliggende aanpassing van het meerjarenplan van de gemeente werden geen werkings- en investeringssubsidies ingeschreven.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- Het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Laurentius van Sint-Laureins is in overeenstemming met meerjarenplan 2020-2025.
Art. 2- De gemeenteraad neemt akte van het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Laurentius van Sint-Laureins.
Art. 3- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur en bisdom Gent.
Het budget 2021 voor de kerkfabriek Sint-Niklaas van Waterland-Oudeman wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
Op het gebied van exploitatie worden enkel subsidies voorzien voor Waterland-Oudeman. In de voorliggende aanpassing van het meerjarenplan van de gemeente wordt voor 2020 een bedrag ingeschreven van €13.315. Voor 2021 bedraagt dit €10.273,60. Ook voor de komende jaren worden bedragen in deze grootorde verwacht.
Als investeringssubsidie wordt zowel voor 2020 als 2021 een bedrag voorzien in de aanpassing van het meerjarenplan van de gemeente van telkens €5.000. Voor de jaren nadien worden momenteel nog geen investeringssubsidies ingeschreven. De €5.000 in 2021 werd in het oorspronkelijk meerjarenplan niet voorzien.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- Het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Niklaas van Waterland-Oudeman is in overeenstemming met meerjarenplan 2020-2025.
Art. 2- De gemeenteraad neemt akte van het budget 2021 van de kerkfabriek Sint-Niklaas van Waterland-Oudeman.
Art. 3- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur en bisdom Gent.
Het budget 2021 voor de kerkfabriek Heilige Margaretha van Sint-Margriete wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
Als investeringssubsidie wordt zowel voor 2020 als 2021 een bedrag voorzien in de aanpassing van het meerjarenplan van de gemeente van telkens €5.000. Voor de jaren nadien worden momenteel nog geen investeringssubsidies ingeschreven. De €5.000 in 2021 werd in het oorspronkelijk meerjarenplan niet voorzien.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- Het budget 2021 van de kerkfabriek Heilige Margaretha van Sint-Margriete is in overeenstemming met meerjarenplan 2020-2025.
Art. 2- De gemeenteraad neemt akte van het budget 2021 van de kerkfabriek Heilige Margaretha van Sint-Margriete.
Art. 3- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur en bisdom Gent.
Het budget 2021 voor de kerkfabriek Onze Lieve Vrouw Hemelvaart van Watervliet wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
Op gebied van investering is er de kerk van Watervliet die men wil uitbouwen tot toeristisch en cultureel aantrekpunt voor Sint-Laureins. Voorlopig, omdat er geen weet is hoe deze dossiers zullen lopen, is er vanaf 2021 €70.000 euro per jaar aan investeringssubsidie bij de gemeente voorzien.
Op 18 augustus 2020 vond een overleg plaats tussen het gemeentebestuur en het centraal kerkbestuur waarop dit besproken werd.
Art. 1- Het budget 2021 van de kerkfabriek Onze Lieve Vrouw Hemelvaart van Watervliet is in overeenstemming met meerjarenplan 2020-2025.
Art. 2- De gemeenteraad neemt akte van het budget 2021 van de kerkfabriek Onze Lieve Vrouw Hemelvaart van Watervliet.
Art. 3- Dit besluit zal worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid, het centraal kerkbestuur, het kerkbestuur en bisdom Gent.
De voorzitter sluit de zitting om 22:05.
Jan Roets
Voorzitter van de gemeenteraad