Volgende wijzigingen aan de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel worden goedgekeurd:
Art. 8bis. In uitzonderlijke gevallen kan de aanstellende overheid bij de vacantverklaring van een betrekking van niveau A, B of C beslissen om de diplomavereiste die als regel geldt voor dat niveau te schrappen. Die afwijking is mogelijk als:
- slagen voor een niveau- of capaciteitstest
- beschikken over een op de functie afgestemd ervaringsbewijs, uitgereikt overeenkomstig de Vlaamse regelgeving over de titels van beroepsbekwaamheid;
- beschikken over een op de functie afgestemd attest van een beroepsopleiding die hij/zij gevolgd heeft bij een door de Vlaamse Regering erkende instelling voor beroepsopleiding
De beslissing om geen diplomavereiste op te leggen, moet steunen op objectieve criteria, als:
a) gegevens van de regionale overheid over schaarste op de arbeidsmarkt om bepaalde betrekkingen te vervullen;
b) cijfergegevens die de ondervertegenwoordiging in de plaatselijke tewerkstelling aantonen van bepaalde, in de tewerkstellingsmaatregelen van de hogere overheden genoemde kansengroepen in relatie tot regionale indicatoren over de aanwezigheid van die kansengroepen in de werkloosheid;
c) bepaalde functiespecifieke criteria.
Art. 166. Elk personeelslid kan maximum 12 werkdagen verlof overdragen naar het volgende jaar.
Een aantal wijzigingen aan de rechtspositieregeling dringen zich op.
Door de heer Hugo Coene, schepen, wordt een toelichting gegeven.
De rechtspositieregeling van het gemeente- en OCMW-personeel is aan een update toe. In samenwerking met de juridische dienst van CipalSchaubroek werd gestart met een grondige herwerking. In afwachting van deze herwerking, dringt de noodzaak zich op om op korte termijn alsnog een aantal wijzigingen aan de rechtspositieregeling voor te stellen, om zo de goede werking van de diensten te kunnen blijven garanderen.
In het kader van een modern wervingsbeleid is het aangewezen om in onze rechtspositieregeling de mogelijkheid te voorzien tot afname van een capaciteitstest. Het besluit van de Vlaamse regering houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn d.d. 7 december 2007 (besluit RPR), voorziet deze mogelijkheid.
De diplomavereiste blijft de regel voor niveau A, B en C. Ze staat inhoudelijk voor een maatschappelijk erkend, algemeen niveau van capaciteiten, en voor verworven kennis en vaardigheden. Artikel 12 van het besluit RPR bepaalt dat de raden voor functies in die niveaus in uitzonderlijke omstandigheden kunnen afwijken van het principe van de diplomavereiste. Dat kan op grond van vooraf vastgestelde, objectieve criteria. De nadruk ligt op het uitzonderlijke karakter van die procedure en op het objectieve karakter van de criteria om er toepassing van te maken. De raad legt daarvoor de regels vast.
Er wordt voorgesteld om volgende bepaling in de lokale rechtspositieregeling van Sint-Laureins op te nemen:
Art. 8bis. In uitzonderlijke gevallen kan de aanstellende overheid bij de vacantverklaring van een betrekking van niveau A, B of C beslissen om de diplomavereiste die als regel geldt voor dat niveau te schrappen. Die afwijking is mogelijk als:
- slagen voor een niveau- of capaciteitstest
- beschikken over een op de functie afgestemd ervaringsbewijs, uitgereikt overeenkomstig de Vlaamse regelgeving over de titels van beroepsbekwaamheid;
- beschikken over een op de functie afgestemd attest van een beroepsopleiding die hij/zij gevolgd heeft bij een door de Vlaamse Regering erkende instelling voor beroepsopleiding
De beslissing om geen diplomavereiste op te leggen, moet steunen op objectieve criteria, als:
a) gegevens van de regionale overheid over schaarste op de arbeidsmarkt om bepaalde betrekkingen te vervullen;
b) cijfergegevens die de ondervertegenwoordiging in de plaatselijke tewerkstelling aantonen van bepaalde, in de tewerkstellingsmaatregelen van de hogere overheden genoemde kansengroepen in relatie tot regionale indicatoren over de aanwezigheid van die kansengroepen in de werkloosheid;
c) bepaalde functiespecifieke criteria.
Daarnaast wordt voorgesteld om een wijziging aan te brengen aan artikel 166 van de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel, waarbij bepaald wordt dat elk personeelslid maximum 7 werkdagen verlof kan overdragen naar het volgende jaar. Er wordt voorgesteld het maximum van 7 werkdagen te wijzigen naar 12 werkdagen.
De voorzitter vraagt de stemming voor het agendapunt: "Gemeentepersoneel: capaciteitsproef en verlofoverdracht - Wijziging rechtspositieregeling."
Art. 1- Volgende wijzigingen aan de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel worden goedgekeurd:
Art. 8bis. In uitzonderlijke gevallen kan de aanstellende overheid bij de vacantverklaring van een betrekking van niveau A, B of C beslissen om de diplomavereiste die als regel geldt voor dat niveau te schrappen. Die afwijking is mogelijk als:
- slagen voor een niveau- of capaciteitstest
- beschikken over een op de functie afgestemd ervaringsbewijs, uitgereikt overeenkomstig de Vlaamse regelgeving over de titels van beroepsbekwaamheid;
- beschikken over een op de functie afgestemd attest van een beroepsopleiding die hij/zij gevolgd heeft bij een door de Vlaamse Regering erkende instelling voor beroepsopleiding
De beslissing om geen diplomavereiste op te leggen, moet steunen op objectieve criteria, als:
a) gegevens van de regionale overheid over schaarste op de arbeidsmarkt om bepaalde betrekkingen te vervullen;
b) cijfergegevens die de ondervertegenwoordiging in de plaatselijke tewerkstelling aantonen van bepaalde, in de tewerkstellingsmaatregelen van de hogere overheden genoemde kansengroepen in relatie tot regionale indicatoren over de aanwezigheid van die kansengroepen in de werkloosheid;
c) bepaalde functiespecifieke criteria.
Art. 166. Elk personeelslid kan maximum 12 werkdagen verlof overdragen naar het volgende jaar.
Art. 2- Afschrift van deze beslissing zal voor verder gevolg worden overgemaakt aan de Vlaamse Overheid, Agentschap Binnenlands Bestuur via e-loket.
Art. 3- De wijziging wordt aan de vakorganisaties voorgelegd op het volgend bijzonder onderhandelingscomité.
Art. 4- De wijzigingen worden meegenomen in de verdere volledige herwerking van de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel.