De gemeenteraad keurt het handhavingskader en de daarbij horende evaluatiefiche voor de lokale erkenning van aanbieders van buitenschoolse opvang en activiteiten in het kader van het BOA-decreet goed.
De gemeenteraad keurde op 18 december 2025 het lokaal erkenningskader voor aanbieders van buitenschoolse opvang en activiteiten goed in uitvoering van het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA).
Het erkenningskader bepaalt de voorwaarden waaraan aanbieders moeten voldoen om lokaal erkend te worden. Om deze erkenning op een transparante, objectieve en rechtszekere manier te kunnen opvolgen, wordt aanvullend een handhavingskader en evaluatiekader voorgelegd.
Het handhavingskader beschrijft de wijze waarop het lokaal bestuur toezicht houdt op de naleving van de erkenningsvoorwaarden en welke stappen worden genomen wanneer tekortkomingen worden vastgesteld. Het evaluatiekader bevat de beoordelingscriteria en de evaluatiefiche die worden gebruikt tijdens inspecties en opvolgingsmomenten.
De gemeenteraad wordt gevraagd het handhavingskader en de evaluatiefiche goed te keuren als uitvoeringsinstrumenten van het lokaal erkenningskader BOA.
Voorgeschiedenis
In het kader van de invoering van het BOA-decreet werkte de gemeente Sint-Laureins een lokaal erkenningskader uit voor aanbieders van buitenschoolse opvang en activiteiten. Dit erkenningskader werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 18 december 2025.
Het erkenningskader omschrijft de kwaliteitsvoorwaarden waaraan aanbieders moeten voldoen. Om de naleving van deze voorwaarden te kunnen opvolgen en beoordelen, is het noodzakelijk om een beoordelings- en handhavingskader vast te leggen.
Effectieve feiten
Er werd een handhavingskader uitgewerkt dat de toetsingsdomeinen, beoordelingscriteria, inspectiecyclus en handhavingsmaatregelen vastlegt. Het kader voorziet in een proportionele handhavingsladder waarbij aanbieders de mogelijkheid krijgen om vastgestelde tekortkomingen te remediëren.
Daarnaast werd een evaluatiefiche opgesteld die gebruikt wordt bij aangekondigde en onaangekondigde inspecties. De evaluatiefiche zorgt voor een uniforme beoordeling van erkende aanbieders en verhoogt de transparantie van het evaluatieproces.
In een eerste fase zal de opvolging en controle van de erkende aanbieders worden opgenomen door de dienst Vrije Tijd van het lokaal bestuur. Hierdoor kan ervaring worden opgebouwd met de toepassing van het erkennings-, evaluatie- en handhavingskader en kan de lokale context maximaal worden meegenomen in de beoordeling.
Het lokaal bestuur zal deze werkwijze periodiek evalueren. Daarnaast wordt binnen regionale overlegstructuren onderzocht of een bovenlokale samenwerking rond inspectie en handhaving wenselijk en haalbaar is. Hierbij wordt onder meer bekeken of op termijn een regionale controlefunctie kan worden georganiseerd, zodat expertise kan worden gebundeld en een uniforme beoordeling van aanbieders kan worden bevorderd.
Waarom deze vraag?
Het lokaal bestuur wenst een kwaliteitsvol, veilig en toegankelijk aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten te garanderen. Een duidelijk handhavings- en evaluatiekader biedt zowel rechtszekerheid aan aanbieders als een objectieve basis voor het lokaal bestuur om erkenningen op te volgen.
Door het vastleggen van beoordelingscriteria, inspectiemomenten en mogelijke maatregelen wordt een consistente en transparante toepassing van het erkenningskader verzekerd. Het kader stimuleert bovendien kwaliteitsverbetering en biedt aanbieders duidelijke verwachtingen inzake de verdere uitbouw van hun aanbod.
Het handhavingskader en de evaluatiefiche brengen geen bijkomende financiële lasten met zich mee.
Daarnaast zet het lokaal bestuur de beschikbare BOA-middelen voornamelijk in voor de uitbouw en bestendiging van een gemeentelijk opvanginitiatief. Voor de invoering van het BOA-decreet beschikte Sint-Laureins niet over een georganiseerd aanbod buitenschoolse kinderopvang, terwijl er vanuit gezinnen een duidelijke en aanhoudende vraag bestond naar opvangmogelijkheden buiten de schooluren.
Vanuit deze vastgestelde behoefte werd ervoor gekozen prioritair te investeren in de opstart en verdere uitbouw van een kwalitatief opvanginitiatief. Het lokaal bestuur beschouwt het verzekeren van voldoende opvangcapaciteit als een noodzakelijke basisvoorwaarde om de doelstellingen van het BOA-decreet te realiseren. De beschikbare middelen worden daarom in eerste instantie ingezet om een duurzaam, toegankelijk en kwalitatief opvangaanbod te verankeren binnen de gemeente.
De controles worden in eerste instantie uitgevoerd binnen de bestaande personeelsinzet van de dienst Vrije Tijd. Indien in de toekomst wordt gekozen voor een regionale samenwerking of een gezamenlijke controlefunctie, zullen de organisatorische en financiële gevolgen hiervan afzonderlijk worden geëvalueerd en voorgelegd aan de bevoegde bestuursorganen.
Inkomsten BOA 2026:
Art. 1- De gemeenteraad keurt het handhavingskader voor de lokale erkenning van aanbieders van buitenschoolse opvang en activiteiten in het kader van het BOA-decreet, in bijlage aan deze beslissing gevoegd, goed.
Art. 2- De gemeenteraad keurt de evaluatiefiche behorende bij het handhavingskader, in bijlage aan deze beslissing gevoegd, goed.
Art. 3- Het handhavingskader en de evaluatiefiche treden in werking vanaf de datum van goedkeuring door de gemeenteraad en maken integraal deel uit van de erkenningsprocedure en de opvolging van lokaal erkende aanbieders.